Dag 20- Lovina naar Pandangbai
Gisteren sloot ik af met de boodschap dat we ergens naar wat lekkers te eten zouden zoeken.
Na eerst vanuit het hotel naar rechts gelopen te zijn en daar alleen twee visrestaurantjes gevonden te hebben liepen we terug richting Lovina. Een beetje met de moed in de schoenen omdat we eigenlijk geen zin hadden om op het levensgevaarlijke trottoir helemaal naar het dorp te lopen.
Opeens kregen we de lucht van gegrild vlees in onze neus, maar konden niet thuisbrengen waar het vandaan kwam.
Nadat we iets terug gelopen waren zagen we aan de overkant een hele kleine Warung, waar een vrouw buiten sateh aan het bakken was.
Er zat binnen een buitenlandse jongen te wachten en buiten een stelletje met scooter, die duidelijk het eten mee wilden nemen.We zijn maar binne gaan zitten en omdat de vrouw op alle vragen met ja antwoorden namen we maar het risico om 2 vingers op te steken voor het aantal porties.
De jongen die er al zat bleek een Amerikaanse knul van een jaar of 20, die voor een 45 dagen toer (eigen gelegenheid) op Bali was, maar ook de intentie had nog Lombok en Komodo aan te doen.
Hij vertelde dat hij al 5 dagen op alleen nasi en bami leefde (3x per dag) en dat een van zijn vrienden hier ’s middags had gegeten en verklaarde dat het geweldig was.
Toen hij zijn maaltijd kreeg, bestond deze uit een b0rd witte rijst met wat gebakken uitjes, een kom geelachtige soep waarin stukjes vlees en een bordje waarop 10 stokjes sateh, met een ketjab/pindasaus.
Hij verklaarde dat dit de beste maaltijd sinds zijn aankomst op Bali was tot dat moment.
Iets later kregen wij het zelfde en inderdaad was het heerlijk. De soep was een Soto-achtige soep, waarin ook geroosterde stukjes vlees lagen, die ook vanaf stokjes in de soep was gegooid.
De sateh was weliswaar flinterdun, maar heerlijk van smaak, net als de saus.
Wij durfden te verklaren dat we zeker in Lovina nog niet zo lekker hadden gegeten.
Na nog wat gedronken te hebben met de andere Nederlanders gingen we naar bed.
Vanochtend dus op tijd op en nog ontbeten en om 10:00 uur stond chauffeur Henri, die we de eerste dag hadden leren kennen voor het hotel.
Na het uit checken gingen we op weg en kwamen er niet alleen achter dat Hardy’s inderdaad een eind weg was, maar ook dat er twee waren en we eigenlijk bij de verkeerde waren geweest.
Ze liggen in Singaraja, de volgende stad voorbij Lovina, die in tegenstelling tot Lovina redelijk groot is.
Daar is ook de Rode tempel die volgens het boekje heel mooi is en daar maakte we meteen ook onze eerste stop.
Als het lukt de foto’s te uploaden, zien jullie waarom deze stop echt de moeite waard waas.
Daarna echt op pad en rond de middag zaten we echt boven in de bergen waar Henry ons voor lunch dropte op een plaats met een unieke uitkijk, maar waar je alleen voor 80.000 pp exclusief 21% toeslag kon buffetten.
Omdat we daar allebei geen trek in hadden (Henry zat bij de andere chauffeurs) hebben we alleen maar wat gedronken,hebben Henry opgepikt en zijn verder gereden op zoek naar een satehtje of Soto soep omdat we daar genoeg aan zouden hebben.
In een heel klein warunkje met zo’n blauw karretje ervoor waarop de sateh-bbq stond aten we uiteindelijk samen met Henry sateh, met saus en lontong en rekende uiteindelijk voor dit alles slechts 50.00 rupiah af (ongeveer 4 euro).
Voldaan gingen we verder en zijn een groot deel over smallere weggetjes gereden.
Later zei Henri om ons meer te laten zien, maar in werkelijkheid om een grote politiecontrole te ontwijken waarvan hij van de andere chauffeurs had gehoord dat die op de hoofdweg stond.
Hoewel Henry aangaf dat het toevallig was, viel ons op dat we heel veel mensen zagen die in hun beste kleren ergens naar onderweg waren.
Het leek voor ons een beetje of we op een nationale feestdag reden, maar waarschijnlijk inderdaad toeval.
In ieder geval herkende we een van de ceremonieën voor een crematie, omdat we de voorbereidingen daartoe al eerder in Kuta hadden gezien
We hebben hele mooie landschappen gezien en uiteindelijk kwamen we rond kwart voor vier in Pandangbai aan waar we incheckte in kamer 303 van hotel Puri Rai. (helaas zonder internet in het hotel)
Het is er wel oud, maar we hebben een ruime kamer met AC en als de muggen een beetje weg willen blijven….
Na Henry betaald en de koffers op de kamer gezet te hebben, gingen we even het dorp verkennen.
Daar ben je dus zo doorheen, dus het wordt waarschijnlijk veel snorkelen op het hele kleine strandje genaamd Blue Lagoon of een baai verder waar je alleen met een boot zou kunnen komen.
Verder is het dus even afwachten wanneer we dit alles op internet kunnen zetten en of hier bandbreedte genoeg is om de foto’s te uploaden.
Als er dus een paar dagen geen berichten zijn, wees dan niet ongerust,